melkgebit

De meeste baby’s kunnen, vanaf zo’n vier tot acht maanden na hun geboorte, hun eerste tandjes krijgen. In veel gevallen zijn meisjes iets eerder dan jongetjes. Wanneer de tandjes door het tandvlees heen groeien kan dit jeuk of pijn veroorzaken. Dit verklaart waarom een baby vaak op van alles gaat bijten en kauwen.

De tandjes komen niet allemaal tegelijk door. Het kan wel enkele jaren duren voordat het melkgebit compleet is doorgekomen. In de meeste gevallen verschijnen de tandjes in paarvorm. Het patroon waarin de melktandjes doorkomen en de leeftijd waarop dit gebeurt lijken erfelijk te zijn bepaald. De volgende volgorde is de meest voorkomende: allereerst krijgt een baby de onderste centrale melktanden met daarna de bovenste centrale melksnijtanden. Deze worden gevolgd door de bovenste- en de onderste laterale melksnijtanden. Vervolgens verschijnen de eerste melkmolaren gevolgd door de melkhoektanden en tenslotte de tweede melkmolaren.

Een compleet melkgebit heeft dus twintig gebitselementen. Dit in tegenstelling tot het blijvende gebit dat in totaal 32 tanden en kiezen rijk is. Het melkgebit wordt uiteindelijk vervangen en aangevuld door het blijvende gebit compleet is. Het aanvullen en het wisselen van de melktanden voor blijvende exemplaren begint rond het vijfde levensjaar. Op die leeftijd komen de eerste blijvende kiezen door vlak achter het bestaande melkgebit. Er worden dan nog geen melktanden door blijvende vervangen. Wanneer een kind ongeveer zeven jaar oud is zal het echte wisselen meestal beginnen en doorgaan tot het blijvende gebit volledig is. Dit kan wel tot op achttien jarige leeftijd duren.

Reacties zijn gesloten.